Lichel van den Ende toont dropveterjurk op expositie

31-05-2018

Lichel van den Ende, onlangs nog compleet in paniek, is sinds enige tijd weer zonder zorgen aan de slag. De kunstenaar, bekend van zijn gigantische en spectaculaire draagobjecten, moest zijn opslagruimte in de Plaspoelpolder op korte termijn leegmaken. Op het laatste nippertje kreeg hij in Rijswijk een nieuwe plek aangeboden, waardoor Van den Ende opgelucht kon ingaan op uitnodigingen voor twee manifestaties. Dichtbij huis werkt hij volgende maand mee aan ‘DuneArt’, het gratis toegankelijk cultuur-,kunst en natuurevenement rondom de Watertoren. Kort erna is hij deelnemer aan de  Kunstschouw in Zeeland. Het is de 25ste editie van deze jaarlijkse ontmoeting tussen professionele kunstenaars en bezoekers, afkomstig uit het hele land en uit buurlanden.
Voor ‘DuneArt’ - gehouden op vrijdag 8, zaterdag 9 en zondag 10 juni – verzorgt Van den Ende de opening met draagobjecten, die worden geshowd door Marije Hendrikx en Tony Schwartz. Hij vertelt: “Marije draagt een jurk, die ik heb gemaakt van lepeltjes. Zij loopt rond met een dienblad met hapjes erop. Tony toont een soort knuppeljurk. Ik heb daarvoor van panty’s de voeten afgeknipt. De kousen heb ik beschilderd en die vol isolatiemateriaal gestopt.”
Voor DuneArt houdt hij zich ook bezig met een project rondom gedichten die als thema zee, duinen en Scheveningen hebben. Ze zijn al voor een groot deel geschreven door bewoners van  Scheveningen. Marije Hendrikxs, eigenaresse van een kralenwinkel in de Badhuisstraat, zamelde ze in. Ook tijdens het evenement kunnen bezoekers gedichten inleveren. “Voor een pop uit de etalage van Marije maak ik een jurk met kokertjes. Op die kokertjes worden de gedichten geplakt.”
De Kunstschouw in Zeeland
Nog meer dan aan DuneArt heeft hij zijn handen vol aan de Kunstschouw die steeds wisselende kunstenaars uit binnen- en buitenland verbindt met typische Zeeuwse locaties. Het evenement dat van 16 tot en met 24 juni duurt, heeft dit jaar als thema ‘Kunst NatuurLijk’. In een kerk in Noordwelle werkt Van den Ende  mee aan een tentoonstelling , met als titel ‘Zoete Zonde’.  “Ik exposeer daar een jurk die is gemaakt van dropveters en nog een tweede dropcreatie, inclusief hoed.” Tijdens de opening van de Kunstschouw geeft hij acte de présence.  “Er treedt bijvoorbeeld een hoepeldraaister op, iemand loopt in een kastje dat van blaadjes is gemaakt en er wordt een kruis van vier meter gedragen. Ook heb ik gezorgd voor zes percussionisten en voor een Gregoriaans koor.”
Community art
Lichel van den Ende heeft de afgelopen tijd weer kunnen rekenen op steun van vrienden en bekenden. Zo kreeg hij assistentie bij het in elkaar zetten van de jurk van dropveters . Bij al zijn projecten weet hij ‘hulptroepen’ om zich heen te verzamelen. “Ik houd ervan om mensen bij mijn werk te betrekken. Iedereen vindt het ook leuk om mee te doen, heb ik ontdekt. Daarom noem ik mijn kunst een vorm van community art.” Vriendschap ondervond hij ook bij zijn verhuizing van zijn opslagruimte in de Plaspoelpolder naar een leegstand winkelpand in Rijswijk. “Toen ik eenmaal wist dat die plek mocht gebruiken, was ik dankzij veel hulp binnen drie dagen over.”
Een enkele keer doen hij en zijn helpers vergeefse moeite. In 2016 werd hij bij zijn stropdassenproject bijgestaan door tientallen vrouwen. Van den Ende had het plan opgevat om een 360 kilometer lange loper van stropdassen te leggen van het Groningse Kloosterburen tot het Limburgse Maastricht. “Ik had er al zo’n vijftigduizend ingezameld en de dames hadden er al vijftienduizend aan elkaar genaaid, maar dat project is helaas niet gelukt. De burgemeesters van plaatsen langs het traject, wilden niet meewerken. Van  de 35 die ik had aangeschreven, hebben er acht gereageerd.”
Toch ziet Lichel van den Ende nog een mogelijkheid. “Als straks het Binnenhof wordt gerenoveerd, komen er schuttingen te staan. Het zou toch prachtig zijn om daar dan die stropdassen op te plakken.”